Actuele positie
Niet alleen bisschop Huibers en zijn opvolgers hebben zich beziggehouden met de gebeurtenissen van Amsterdam, maar ook de Congregatie voor de Geloofsleer in Rome.
Jarenlang hebben er onderzoeken en ondervragingen door bisschoppelijke commissies plaatsgevonden. In mei 1974 zond de Congregatie voor de Geloofsleer aan de bisschop van Haarlem, Mgr. Zwartkruis, een brief en publiceerde in de Osservatore Romano een notificatie van het standpunt ‘non constat de supernaturalitate’, d.w.z.: ‘de bovennatuurlijkheid staat’ tot op heden nog ‘niet vast’.
In 1996, 22 jaar later, besloten bisschop Henrik Bomers van Haarlem en zijn hulpbisschop Jozef M. Punt na ruggespraak met de Congregatie voor de Geloofsleer de openlijke verering van Maria onder de bijbelse titel ‘de Vrouwe van alle Volkeren’ officieel toe te staan. Dit deden ze door middel van een op 31 mei 1996 gepubliceerd decreet. Daarin staat onder andere:
“Onderscheid moet worden gemaakt tussen de verschijningen/boodschappen enerzijds en de mariale titel ‘Vrouwe van alle Volkeren’ anderzijds. Over het bovennatuurlijke karakter van de verschijningen en de inhoud van de boodschappen kan de Kerk op dit moment geen uitspraak doen. Het staat eenieder vrij zich hierover naar eigen geweten een oordeel te vormen. Het gebed ‘Heer Jezus Christus ...’ met de daarin besloten titel ‘Vrouwe van alle Volkeren’ heeft reeds vanaf 1951 kerkelijke goedkeuring van de toenmalige bisschop van Haarlem, Mgr. Huibers. Ook tegen openlijke verering van Maria onder deze titel bestaat onzerzijds geen bezwaar.”
Dat we vandaag zo openlijk over de komst van Maria in Amsterdam en over haar boodschappen kunnen spreken, is mede mogelijk omdat de huidige bisschop van Haarlem-Amsterdam, Mgr. Jozef Marianus Punt, op 31 mei 2002 de verschijningen van Amsterdam kerkelijk heeft erkend.

In zijn decreet staat onder andere:
“Zoals bekend hebben mijn voorganger, Mgr. H. Bomers, en ikzelf in 1996 de publieke verering vrijgegeven. ...
Inmiddels zijn weer zes jaar verstreken. Ik constateer dat de devotie een plaats verworven heeft in het geloofsleven van miljoenen mensen overal ter wereld en gesteund wordt door vele bisschoppen. … In volle erkenning van de verantwoordelijkheid van de H. Stoel heeft primair de lokale bisschop de taak zich in geweten uit te spreken over de authenticiteit van private openbaringen die in zijn diocees plaatsvinden of plaatsgevonden hebben.
Daartoe heb ik nogmaals advies gevraagd aan enkele theologen en psychologen m.b.t. eerdere onderzoeksresultaten en de daarin opgeworpen vragen en objecties. … Ook heb ik t.a.v. de vruchten en verdere ontwikkeling het oordeel gevraagd van een aantal collega-bisschoppen, die in hun diocees een sterke verering kennen van Maria als Moeder en Vrouwe van alle Volkeren.
Als ik al deze adviezen, getuigenissen en ontwikkelingen overzie en dit alles in gebed en theologische reflectie overweeg, dan brengt dat mij tot de vaststelling dat in de verschijningen van Amsterdam een bovennatuurlijke oorsprong gegeven is.”
Uit: Voordracht van P. Paul Maria Sigl, God toont ons door Maria, de Moeder van alle Volkeren, de weg tot de ware vrede. Keulen, 31 mei 2009
|